Author Archive | Arjaan Hijmans van den Bergh

Aan de basis van cultuur ligt roddel

figures-1826253_1920

Mensen die een boek schrijven hebben een innerlijke, creatieve drang. Ze zijn zeer getalenteerd, literair zelfs. Hun boodschap is grensverleggend of minstens innovatief, verbazend, verrukkend.

Daarom zal jij nooit een boek schrijven. Want jij bent doorsnee. Je verhaal is al duizendmaal verteld. De woorden die jij schrijft vallen niet moeiteloos op hun plaats, in een schitterende symfonie.

Je vergist je. De mens is nieuwsgierig naar het verhaal van de ander. We houden van doorvertellen. Aan de basis van cultuur ligt roddel, beweert de Israëlische schrijver Yuval Noah Harari in zijn bestseller Sapiens. Verhalen doen ertoe. Ook die van jou.

Nostalgie en geluk

12645221_1666497896901260_7297275770900867890_n

Eén van mijn Facebookvrienden is een kunstenaar. Hij post met regelmaat afbeeldingen die hem inspireren. Vanochtend plaatste hij een foto van de fransman Jacques Henri Lartique, die hij blijkbaar in de Volkskrant had zien staan. In een besneeuwd landschap met een blauwe lucht zien we een jonge, mooie vrouw picknicken, beschut door een wal. Op de wal staat een houten schuurtje, met op het dak een uitpuilende laag sneeuw van minstens één meter dik. Ze zit op de losse achterbank van een deux-chevaux, kennelijk afkomstig uit de grijze Eend met imperiaal en radioantenne, die nonchalant op een besneeuwd pad links van haar is geparkeerd. De vrouw is gekleed in de mode die gangbaar was in de jaren ’60. Ze draagt een rode pullover met V-hals over een groene coltrui, een strakke zandkleurige broek en bruine laarzen. Hoog op haar achterhoofd een bij de kleur van haar laarzen passend hoofddeksel, dat het midden houdt tussen een tulband en een muts. Ze is opgemaakt, met de felrode lippen, donkere wimpers en de gestileerde wenkbrauwen die gebruikelijk waren in die tijd. Een lach verwarmt haar gezicht en ze reikt naar iets –waarschijnlijk eetbaars – dat op het dienblad aan haar voeten ligt. Uitgestald om haar heen in de sneeuw staan rieten manden, een blikken en een kartonnen doos. Op de plaats waar vermoedelijk de fotograaf zal plaatsnemen, rust nu nog een ouderwetse blauwe, canvas rugzak met bruinleren biezen tegen de rugleuning van de autobank.

Toen ik de foto zag, overviel mij onmiddellijk een gelukzalig gevoel. Ik vroeg mij af waarom die foto dat effect op mij had. Was dat nostalgie, een verlangen? Bij het kijken naar de foto ontstonden verhalen in mijn hoofd, associaties. Riep de foto herinneringen op aan mooie momenten in mijn eigen leven? In ieder geval, ik werd er blij van op deze sombere ochtend. Ik mijmerde voort en bedacht me dat je dit soort foto’s misschien therapeutisch zou kunnen inzetten. Stel je voor dat je als therapeut een scala aan foto’s tot je beschikking hebt. Misschien gesorteerd naar periode: jaren ’40, ’50, ’60 enzovoorts. Je vraagt dan de cliënt om een foto uit te zoeken waarvan hij of zij een blij gevoel krijgt. Vervolgens exploreer je, samen met de cliënt het blije gevoel en probeer je de relatie te leggen met zijn of haar leven. Zo onthult zich misschien een positief ankermoment in dat leven, één van de momenten waaraan de cliënt kracht kan ontlenen.

Net toen ik had bedacht dat er onder mijn hoede een nieuwe therapievorm werd geboren, kwam ik het werk van professor Ernst Bohlmeijer tegen. Hij promoveerde op onderzoek naar interventies bij depressieve ouderen met behulp van reminiscentietechnieken. Tegenwoordig is hij hoogleraar aan de Universiteit Twente en specialist op het gebied van de positieve psychologie. Voor de zekerheid heb ik hem toch maar een mailtje gestuurd met mijn idee. Je weet maar nooit.

Opstand der patiënten

Patiënten zijn net gevangenen, ontdaan van hun menselijkheid. Een gevolg van de klinische wetenschappelijke benadering die de medische professie eigen is. Althans, dat beweert Eric Chapman, de voormalig bestuurder van Ohio Health. De gezondheidsuitkomst is wat lange tijd telde, niet de ervaring van de patiënt.

Volgens hem verklaart dit mede het ontstaan van afstandelijk gedrag van ziekenhuispersoneel jegens patiënten. Een Amerikaans onderzoek van Dignity Health liet inderdaad zien dat tweederde van de patiënten wel eens onaardig wordt bejegend in een ziekenhuis.

Chuck Lauer meent dat patiënten in opstand komen tegen de onverschilligheid in de zorg. Hij noemt deze opstand de ‘patient experience revolution’. En hij geeft de opstandelingen gelijk; mensen herstellen beter en sneller wanneer ze vriendelijk en respectvol bejegend worden. Ook de Nieuw-Zeelandse anesthesioloog Robin Youngson pleit voor de terugkeer van compassie in de zorg. Hij schreef er een boek over, Time to Care, dat inmiddels ook in het Nederlands is vertaald. Youngson vertegenwoordigt een stichting, Hearts in Healthcare. Hun slogan is ‘Rehumanising healthcare’.

Inmiddels bestaat er in Nederland een gelijksoortige stichting, Compassion for Care, opgericht in 2012 door een groep Nederlandse geneeskundestudenten.

Compassie in de zorg, humane zorg, aandacht voor de patiëntervaring; het lijken mooie en wat hooggegrepen doelen. Maar als zorginstellingen de ervaring van de patiënt niet centraal gaan stellen dan zal marktwerking er toe leiden dat deze instellingen marktaandeel gaan verliezen. Bevrijding van de patiënt is Stap één – Power to the Patiënt! Een plekje op een voetstuk is de volgende. Net als elders geldt: de klant is koning.

 

Artikel Chuck Lauer

http://www.beckershospitalreview.com/hospital-management-administration/chuck-lauer-the-patient-experience-revolution-has-arrived.html

 

Hearts in Healthcare, Nieuw-Zeeland

http://heartsinhealthcare.com

 

Compassion for Care, Nederland

http://www.compassionforcare.com

 

De POWER Patiënt

http://www.powerpatient.nl

 

Gezond leven met behulp van verhalen.

Wat zou het fijn zijn als we wisten wat de werkzaamheid van preventie bepaalt. Stel je voor: je deelt een foldertje uit met effectief bevonden woorden over de schadelijke gevolgen van roken. De rookverslaafde leest het foldertje eens door, slaat zich voor de kop, trapt zijn peuk uit en steekt er nooit van zijn leven meer eentje op.

Lonneke van Leeuwen heeft haar best gedaan om uit te zoeken of een goed verhaal kan helpen bij het beïnvloeden van gedrag. Ze promoveerde op 29 juni 2015 in Wageningen met een onderzoek naar de werkzame bestanddelen van een goed preventieverhaal. Dit verhaal werd aan jongeren aangeboden in de vorm van een televisiedramaserie over overmatig drankgebruik. Deze aanpak past in de strategie van Entertainment-Education. Volgens Lonneke werkt Entertainment-Education vooral goed wanneer de toeschouwer emotioneel in het verhaal wordt gezogen. Narratieve betrokkenheid heet dat. “I was totally there” is de toepasselijke titel van haar dissertatie.

Ik ben een uitgever. Ik zou wel eens willen weten of een goed geschreven boek ook kan leiden tot narratieve betrokkenheid. Een gezond verhaaltje voor het slapen gaan ….

Een valkuil van mindfulness op het werk

Mindfulness dreigt een cult status te krijgen in het bedrijfsleven. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat de toepassing van de op Oosterse meditatie geënte ontspanningstechniek angst en stress vermindert. In het bedrijfsleven wordt mindfulness op advies van coaches succesvol ingezet bij de ontwikkeling van leiderschapsvaardigheden en bij de voorbereiding van belangrijke zakelijke besluiten. De methode werkt preventief tegen burnout en collectieve beoefening van meditatie levert waarschijnlijk een bijdrage aan het terugdringen van ziekteverzuim. Niemand verbaast zich daarom over de groeiende stroom aan publicaties die de loftrompet steken over het fenomeen. David Brendell, een Amerikaanse arts en managementcoach, wijst echter in de Harvard Business Review (11 februari 2015) op een belangrijke valkuil van de techniek. Kenmerk van Oosterse meditatie is de nadruk op ‘onthechting’, het loslaten van wereldse besognes. Brendell komt mensen tegen in zijn praktijk die de onthechte staat van mindfulness misbruiken om te ontsnappen aan concrete problemen. Het probleem dat om een oplossing vraagt blijft dan bestaan en de verantwoordelijke is er dankzij zijn of haar mindfulnesstraining heerlijk ontspannen onder. De werkgever van die persoon zal daar misschien minder relaxt onder blijven …

The issue here is that some problems require more thinking, not less

De leefstijlspecialist

Vandaag, 8 april 2015, presenteert het Centraal Bureau voor de Statistiek op het Nationaal Congres Volksgezondheid nieuwe cijfers over leefstijl en gezondheid. De Leefstijlmonitor – een doorlopend onderzoek in samenwerking met RIVM en andere instituten op het gebied van leefstijl – levert de gegevens. Gelukkig voldoet al 56 procent van mensen vanaf 12 jaar aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen.

Aandacht voor preventie zit in de lift. In de meest recente Arts&Auto (april 2015) pleit cardioloog Janneke Wittekoek zelfs voor het instellen van een nieuw medisch specialisme: de leefstijlspecialist. Dit register zou volgens de cardioloog open moeten staan voor vasculair internisten, cardiologen en neurologen met een aanvullende tweejarige opleiding. Wittekoek vindt deze topzware specialisatie nodig omdat artsen in de cardiologische zorg te weinig aan preventie doen. Inzicht in de leefstijl van patiënten vergt tijd voor een goed gesprek. Je moet immers weten hoeveel een hartpatiënt beweegt, drinkt, eet en rookt. Beïnvloeding van een ongezonde levenswijze kost de nodige tijd, aandacht en op de persoon toegespitste leefstijladviezen. Verzekeraars vergoeden op dit moment de ‘cardiologische leefstijlbegeleiding’ helaas nog niet. Als we het idee van Wittekoek zouden uitvoeren gaat dat geld kosten: opleiding van dure specialisten en weer meer declarabele verrichtingen. Of verdienen we dat terug omdat mensen die de leefstijladviezen opvolgen in de toekomst juist minder beroep op de gezondheidszorg gaan doen?

Het is een oud dilemma: de patiënt is zelf verantwoordelijk voor zijn eigen gezondheid maar hij heeft altijd recht op zorg, hoe ongezond hij ook leeft. Mag onverantwoordelijk gedrag van burgers op de schouders van andere burgers drukken? Is er nog een draagvlak voor solidariteit met mensen die ongezond leven?

We moeten hierbij goed bedenken dat een patiënt – hoewel verantwoordelijk voor zijn gezondheid- niet verantwoordelijk voor zijn ziekte kan worden gehouden. Immers, erfelijke en omgevingsvariabelen bepalen de uitkomsten van een ongezonde leefstijl evenzeer. In dit opzicht is de ontwikkeling van een nieuw medisch specialisme op het gebied van leefstijl helemaal geen gek idee; we weten nog veel te weinig over de werking van de mechanismen die een rol spelen bij leefstijlgerelateerde ziekten.

Participatie in gezondheidsbevordering

Mensen zijn zelf verantwoordelijk voor de eigen gezondheid. Maar niet alle mensen zijn voldoende in staat om die verantwoordelijkheid te dragen. Ze hebben de juiste informatie, kennis en vaardigheden nodig om verantwoordelijkheid te kunnen nemen voor hun gezondheid en om effectief gebruik te maken van de gezondheidszorg. Men noemt dit ‘gezondheidsvaardigheden’. Mensen met goede gezondheidsvaardigheden zijn gemiddeld gezonder, blijkt uit onderzoek.

Het betreft bijvoorbeeld de vaardigheid om een voorlichtingsfolder te lezen en te begrijpen, in staat zijn om de juiste vragen bij de dokter te stellen en informatie van de dokter te begrijpen, in staat zijn om informatie over gezondheid via internet op te zoeken.

Definitie van gezondheidsvaardigheden

Gezondheidsvaardigheden zijn de vaardigheden van individuen om informatie over gezondheid te verkrijgen, te begrijpen en te gebruiken bij het nemen van gezondheidsgerelateerde beslissingen.

Bron: M. Fransen, K. Stronks en M. Essink-Bot. Gezondheidsvaardigheden: Stand van zaken. AMC 2011

Mensen met goede gezondheidsvaardigheden kunnen een bijdrage leveren aan de gezondheidszorg. De kwaliteit van gezondheidsvoorlichting zou bijvoorbeeld verbeteren als mensen hun eigen opvattingen over het bevorderen van de gezondheid kunnen delen. Voorlichters kunnen dan de gezondheidsinformatie goed afstemmen op de wensen en behoeften van de mensen. Zij weten als geen ander wat de sterke en de zwakke punten zijn in de eigen leefomgeving. Ze kunnen de belangrijkste adviseurs van de gemeente zijn.

KvK 54001161